| Commissie-plan voor efficiëntere werking voedselketen goed voor kleine boeren en telers? |
|
|
|
| dinsdag, 03 november 2009 14:09 |
|
De Europese Commissie wil de Europese voedselketen beter laten functioneren. Op 28 oktober deed ze voorstellen voor een meer efficiënte werking van de interne markt op dat gebied, voor meer inzichtelijkheid in de prijsvorming (tussen producenten- en consumentenprijs), voor het tegengaan van speculatie met agrarische grondstoffen en voor onderzoek naar mogelijkheden van bundeling van kleine en middelgrote producenten. Het plan omvat echter weinig concrete maatregelen voor de korte termijn en de vraag is wat het oplevert kleine en midelgrote producenten die nu in problemen verkeren.
(door Rob Bleijerveld) De Europese Commissie kwam op 28 oktober met voorstellen voor het beter laten functioneren van de Europese voedselketen. Het Barroso-team zegt zich zorgen te maken over de scherpe daling van de prijzen voor agrarische grondstoffen en het blijvend hoge niveau van de consumentenprijzen. De voedselsector functioneert niet goed en de Commissie doet 'concrete' voorstellen om een en ander meer efficiënt te laten verlopen zodat alle deelnemers - van boer tot bord ("from farm to fork")- er profijt van hebben. De voedselketen omvat sectoren voor landbouwproductie, voor industriële verwerking en voor distributie en is goed voor ruim 7% van de Europese werkgelegenheid. De impact van deze sectoren is ook groot omdat de consument gemiddeld 16% van het huishoudbudget uitgeeft aan voedsel. Daarom is het volgens de Commissie van groot belang dat de keten voedsel levert van goede kwaliteit, dat veilig en betaalbaar is. Die doelstelling dreigt in gevaar te komen en er is veel onrust in de lidstaten onder kleine en middelgrote producenten. Het vooronderzoek naar de prijsvorming in de voedselketen - waarbij ook de lidstaten werden ingeschakeld - duurde ongeveer twee jaar. Op basis van de resultaten signaleert de Commissie dat de contractuele relaties tussen de verschillende actoren in de keten (1) onder grote druk staan ten gevolge van diversiteit en onderlinge verschillen in onderhandelingsmacht (ofwel: misbruik van inkoopmacht, red.). Ook ontbreekt voldoende inzichtelijkheid van de prijsvorming en is er sprake van toegenomen wisselvalligheid van de grondstofprijzen. Het laat zien dat de interne markt voor voedsel nog gefragmenteerd is (naar product en lidstaat). Voorbeeld zuivelsector Volgens Landbouwcommissaris Mariann Fischer Boel is de zuivelsector een goed voorbeeld van dat slechte functioneren: de prijsvorming is hier niet inzichtelijk. De prijs die de melkveehouder krijgt voor een liter melk staat vaak los van de prijs die de consument daarvoor in de winkel betaalt. Prijsdalingen voor de producent leiden meestal niet (meteen) tot prijsdalingen in de supermarkten, terwijl dat wel geldt voor prijsverhogingen (2). Boel's departement zal zich samen met de landbouwministers van de lidstaten meer gaan inzetten voor een efficiënter werkende voedselketen, zo beloofde ze. Ook gaf ze onlangs opdracht aan top-ambtenaren (de zg. High Level Experts' Group on Milk) tot een diepgaand onderzoek naar de werking van de zuivelsector en om waar nodig met aanbevelingen voor aktie te komen. "Onze boeren moeten nu en in de toekomst een behoorlijk bestaan kunnen leiden en dat geldt ook voor de producenten van andere landbouwgrondstoffen." Prijzenmonitor De Commissie heeft een speciale, publieke website opgezet die de voorgestelde maatregelen moet ondersteunen. "Een van de middelen om prijstransparantie (in de hele keten) te verkrijgen is het nieuwe Europese monitor-gereedschap voor voedselprijzen dat vanaf nu beschikbaar is op deze website, aldus Commissaris voor Economische en Monetaire Zaken, Joaquin Almunia. Het was zijn staf en die van het departement voor Landbouw en Rurale Ontwikkeling, die - in samenwerking met diensten van de Commissarissen Kroes (Mededinging) en Kuneva (Consumentenzaken) - de voorstellen en bijbehorende maatregelen uitwerkten. Voorstellen van de Commissie De voorstellen van de Commissie zijn weinig concreet en omvatten vooral intenties en oproepen aan de lidstaten. Er zijn een drietal beoogde doelstellingen, namelijk: 1. De bevordering van duurzame en op marktverhoudingen gebaseerde relaties tussen de verschillende "stakeholders" van de voedselketen. Daartoe moeten Commissie en lidstaten oneerlijke contract-praktijken (3) opsporen die gebaseerd zijn op verschillen in onderhandelingsmacht, moeten ze de ketendeelnemers meer bewust maken van het voorkomen hiervan en moeten ze het melden van potentieel misbruik mogelijk maken. Ook zal de Commissie in nauwe samenwerking met de Nationale Mededingings Authoriteiten de concurrentieontwikkelingen binnen de keten op de voet blijven volgen. 2. Het verhogen van de transparantie in de voedelketen. Om dat te bereiken is per direkt een eerste versie van een "volgsysteem voor Europese voedselprijzen" ingesteld zodat per ketenonderdeel de ontwikkeling van prijzen kan worden bekeken. De Commissie roept de lidstaten op om via het internet eenvoudig toegankelijke programma's op te zetten voor het vergelijken van voedselprijzen in de retailsector (supermarkten) (4). Tevens zijn er een aantal maatregelen getroffen om het overzicht op de derivatenmarkt voor landbouwgrondstoffen te verbeteren met het oog op het beheersbaar maken van de wisselvalligheid van prijzen en van speculatie. 3. Het bevorderen van "voedsel-integratie" in de interne Europese markt en van het concurrentievermogen van alle sectoren die onderdeel uitmaken van de voedselketen. De Commissie wil een aantal milieunormen en schema's voor oorsprongslabelling aanpassen omdat ze een belemmering zouden (kunnen) vormen voor de grensoverschrijdende handel tussen de lidstaten. Ook zal ze nagaan hoe praktijken kunnen worden tegengegaan waarbij "territoriale beperkingen voor marktaanbod worden gebruikt door aanbieders om retailers (supermarkten) te dwingen hun waar lokaal te betrekken" (5). En met name in de primaire sector moet worden onderzocht hoe de onderhandelingspositie van boeren kan worden versterkt, bijvoorbeeld door het opzetten van producentenorganisaties (die voldoen aan de regels voor "eerlijke concurrentie"). Deze maatregelen passen volgens de Commissie zowel binnen het raamwerk van het Rurale Ontwikkelings Beleid en als dat van de voortzetting van het huidige Gemeenschappelijk Landbouw Beleid na 2013. Eind volgend jaar zal de Europese Commissie rapporteren over de resultaten van alle maatregelen. "Omdat de betrokkenheid van stakeholders en Lidstaten essentieel is voor het succes van dit initiatief", stelt de ze voor om lidmaatschap, status en mandaat van de High-Level Group voor Concurrentievermogen van de Agro-food Industrie uit te breiden zodat een discussieforum ontstaat voor de voedselketen. Reacties van de supermarktbranche: Eurocommerce (6): De federatie EuroCommerce verwelkomt de plannen van de Commissie als een "belangrijke stap om Europa's toevoerketen te leren begrijpen en om manieren te vinden om de concurrentie te verbeteren." De in Eurocommerce verenigde ondernemingen zijn van mening dat zij door hun concurrentievermogen een sleutelrol vervullen in de Europese economie en bij het te boven komen van de recessie. Ze hebben daarom belang bij efficiënte, stabiele en duurzame toevoerketens en de daarvoor essentiële garantie van "noodzakelijke instrumenten", zoals contractvrijheid en nadruk op het verwijderen van "territoriale toevoerbeperkingen." Volgens de federatie is elke markteconomie gebaseerd op onderhandelingen en in de praktijk oefenen zowel kleine als grote spelers marktmacht uit. Er is geen bewijs voor een onevenwichtige machtsbalans in de keten in algemene zin. Bij de door de Commissie voorgestelde prijsmonitor moet rekening worden gehouden met twee aspecten. Ten eerste zijn de Eurocommerce-ondernemingen niet betrokken bij de onderhandelingen over de prijs voor boerderijproducten en kunnen ze die niet beïnvloeden. Danwel alle stappen in het prijsvormingsproces moeten worden gemonitored of danwel geen enkele. Ten tweede volstaat het niet simpele vergelijkingen te maken. De prijzen van supermarktwaren verschillen per lidstaat omdat ze afhangen van vele factoren, waaronder de kostenniveaus voor grondstoffen, salarissen, transport, BTW, hoeveelheid afval, valutaschommelingen en territoriale toevoerbeperkingen. Dat laatste aspect weerhoudt de supermarkten ervan om merkproducten in het buitenland te kopen zodat de voordelen van de 'single market' niet worden doorgegeven aan de consument. "De voedseltoevoerketen is een complex system dat als een geheel moet worden beschouwd," aldus voorzitter Durieu van Eurocommerce, "net als bij een horloge gaat het om het delicate evenwicht van het geheel van radertjes en kan niets worden geconcludeerd door het verwijderen van een paar afzonderlijke onderdeeltjes. Elke maatregel die alleen is toegespitst op de 'agro-food'-industrie leidt tot onevenwichtige conclusies en tot het aanwijzen van een zondebok." Bij het persbericht van de federatie is een vraag-en-antwoordlijst over de kwestie toegevoegd. Om een idee te geven van de richting ervan, zijn hier de vragen opgesomd: - "Waarom hebben supermarkten de prijsdalingen voor landbouwproducten niet doorgegeven aan de consumenten in een tijd waarin de gezinsbudgetten onder enorme druk staan? - Buiten de supermarkten boeren uit door het verschil tussen boerderijprijs en winkelprijs in hun zak te steken? - Waarom worden dan de supermarkten aangevallen? - Misbruiken de supermarkten hun inkoopmacht om toeleveranciers te dwingen oneerlijke voorwaarden te accepteren? - Bevinden kleine en middelgrote toeleveranciers zich in een oneerlijke, nadelige positie wanneer ze worden geconfronteerd met de inkoopmacht van gropet supermarktketens? - Is er Europese wet- en regelgeving nodig om de relaties tussen supermarkt en toeleverancier te regulerene? - Zijn hoge prijzen een gevolg van overconcentratie in de supermarktsector? - Waarom verschillen de prijzen tussen de lidstaten en wie steekt het verschil in zijn zak?" (7) European Retail Round Table (ERRT) (8): De ERRT uit zich op vergelijkbare wijze over het Commissie-plan als Eurocommerce. Daarbij merkt de organisatie op dat het plan onvoldoende ingaat op de hindernissen die de lidstaten opwerpen voor marktintrede. Dat heeft volgens de ERRT een aanmerkelijke invloed op de prijsvorming. De referentie door de Commissie aan de ambitieuze uitvoering van de Europese Dienstenrichtlijn wordt verwelkomd, maar "meer robuuste voorstellen zouden nuttig zijn die garanderen dat reguleringen in de lidstaten worden teruggetrokken of herroepen die verhinderen en bemoeilijken dat nieuwe supermarktketens actief worden op hun markten en/of die bedrijven verhinderen te concurreren op prijs." Reacties van boerenorganisaties en coöperatieven COPA-COGECA Ook de associatie COPA-COGECA, een samenbundeling van organisaties van boeren en van coöperatieven (9), verwelkomde de plannen van de Commissie "als een stap in de goede richting." De organisatie vindt desondanks dat er urgent stringentere maatregelen nodig zijn om de toenemende dominantie van grote supermarktketens op de voedselmarkt in Europa tegen te gaan en om de positie van producenten en coöperatieven te versterken. De organisatie uitte zich ook positief over het voorstel van de Schotse Europarlementariër Alyn Smith voor het instellen van een Europees Observatorium voor Boerderijprijzen en Winsten. Diens voorstel werd op 22 oktober aangenomen door belangrijke commissies van het Europese Parlement. Het spoedig opzetten van zo'n observatorium kan tegemoet komen aan de al eerder geuite wens van COPA-COGECA voor het opzetten van een maandelijke monitor voor groothandels- en supermarktprijzen, de spreiding van boerderij-supermarktprijzen, en het aandeel van landbouwgrondstoffen, aldus de vereniging. LTO In een eerste reactie stelt voorzitter Maat van Coga-lid LTO Nederland dat zowel het consumentenbelang als ook het belang van tien miljoen boeren en tuinders in de EU centraal moet staan bij de uitvoering van het mededingingsbeleid. Van de consumentenuitgaven komt slechts een klein deel terecht bij boeren en tuinders terwijl de tussenhandel en supermarkten behoorlijke winsten boeken. Hij hekelde een recente uitspraak van Europees commissaris Kroes (10) die stelde dat onderzoek door de EU bij supermarkten niet nodig zou zijn. Het Commissie-voorstel voor prijsmonitoring en betere contractrelaties gaat volgens Maat teveel uit van de positie van de handelaren. Daarom is inzicht in de marges van alle schakels van de voedselketens nodig. Hij bepleit ook dat agrarische producenten en consumenten meer samenwerkingsverbanden opzetten op basis van afspraken over duurzame productie en verwerking van voedsel en groen. Belangrijk is ook dat boeren en tuinders de mogelijkheid krijgen om zich op Europees vlak te bundelen in sterke afzetcoöperaties zodat ze partij kunnen bieden aan de machtige Europese supermarktketens. De nationale mededingingsautoriteiten zijn niet de juiste instantie om dergelijke fusies te beoordelen. Verder krijgen boeren en tuinders niet de erkenning van de EU als degenen die door kwaliteitsverbetering en productinnovatie (zoals investeringen in nieuwe rassen, duurzaamheid en beter dierenwelzijn) een grotere bijdrage leveren aan de eindprijs dan wat er na de oogst gebeurt (zoals transport, koeling, opslag, verwerking en verpakking). Op 31 oktober pleitte Maat bovendien voor het snel aanpassen van de Nederlandse Mededingingswet opdat boeren en tuinders toegestaan wordt hun producten gezamenlijk te verwerken en te verkopen. Hiermee reageert hij namens de LTO op het recente voornemen van de Tweede Kamer voor het doen van een eigen onderzoek naar de margeverdeling bij de verkoop van voedsel. Hij verwijst de Kamerleden naar "kant-en-klare onderzoeken van het Landbouw Economisch Instituut Wageningen (11) en naar de voorstellen van de Europese Commissie. Supermarkten zijn volgens hem qua inkoop en verkoop grootmachten op de (geliberaliseerde) Europese markt geworden, terwijl de Nederlandse Mededingings Autoriteit NMa elke poging van boeren en tuinders om op gelijke voet te komen, frusteert. Daarnaast heeft de regering nauwelijks instrumenten om de NMa te sturen, in tegenstelling tot de situatie in veel andere lidstaten. "Zorg ervoor dat de mededingingsautoriteit weer in handen komt van de overheid in plaats van het eigen baas zijn in een zelf gecreëerd koninkrijk," aldus de LTO-voorzitter. Reacties van telersorganisaties en vakbonden van landbouwers en melkveehouders: Vooralsnog zijn er geen direkte reacties op het voornemen van de Commissie om het functioneren van de voedselketen te verbeteren, maar eerdere berichten geven echter wel aan dat dit boeren, telers en hun organisaties zeker bezig houdt. Tuinbouwers De Nederlandse Mededingings Autoriteit (NMa) deed halverwege dit jaar invallen bij acht telerscoöperaties en groothandels in groente en schreef zestig andere organisaties en bedrijven aan met de eis allerlei gegevens te verstrekken. Dit had te maken met onderzoek naar mogelijke marktverdeling en prijsafspraken aan de aanbodzijde van de tuinbouwsector over de periode van 1998 tot 2009. Kort daarvoor handelde de NMa een onderzoek naar de wijze waarop de supermarkten prijzen voor groente vaststellen administratief af. De invallen wekten veel onbegrip en leidden tot onrust en kwaadheid in de tuinbouwwereld. De telers voelden zich op deze wijze veroordeeld juist op een moment waarop velen van hen het zeer moeilijk hebben door de zeer lage afzetprijzen. Sinds geruime tijd zijn telersorganisaties juist bezig om te zoeken naar legale manieren om hun onderhandelingspositie te verbeteren ten opzichte van de afnemers (de inkoopcentrales van supermarktketens). Het gaat bijvoorbeeld om het opzetten van Associaties van Producten Organisaties (APO’s) waartoe de Europese wetgeving ruimte biedt. Omdat onduidelijk is wat precies wel en niet toegstaan is onder de "mededingingsregels", wil men juridisch op "safe" spelen en had een van de nieuw opgezette organisaties al een screening door de NMa ondergaan. Getuige recente berichten is het men het binnen de sector nog steeds niet eens over welke weg moet worden ingeslagen om te komen tot een betere onderhandelingspositie. Dat kwam bijvoorbeeld in oktober naar voren tijdens een debat over de stelling "Aanbodsbundeling is de enige weg voor telers naar beter rendement" en in een artikel van een marketingstrateeg die concludeert dat "de gehele tuinbouwsector de weg kwijt is." Tot nu toe heeft de NMA de resultaten van beide onderzoeken nog niet gepubliceerd. Landbouwers Een paar landbouworganisaties namen het afgelopen jaar initiatieven om de inkomenspositie van aardappeltelers te verbeteren. Ook deze telers hebben te maken met afzetprijzen die vaak onder de kostprijs liggen. De LTO, VTA en NAV (12) werkten aan de oprichting van Stichting Poolfonds Aardappelen (SPA) om de dagmarkt van aardappelen transparanter te maken en telers meer weerstand te bieden tegen negatieve prijsbeïnvloeding. Om voldoende draagvlak te hebben, zouden de deelnemende telers gezamenlijk tenminste 75% van de "volledig vrije en nog ongeprijsde meeleveraardappelen" in handen moeten hebben. Het lukte echter net niet om die 75% te halen. NAV-bestuurder van der Heide: "De NAV heeft dit SPA-plan nooit beschouwd als het reddingsplan voor de aardappelsector. Om de aardappelprijs structureel boven de kostprijs te krijgen, moet er meer gebeuren. Maar met het SPA-plan hadden we wel een begin kunnen maken met de broodnodige krachtenbundeling in de sector." De drie organisaties zijn van plan om met elkaar te blijven doorwerken aan de krachtenbundeling van telers. Een ander initiatief is dat van de NAV zelf, getiteld "United Potato.nl". Omdat de aardappelmarkt wordt geplaagd door een te groot aanbod probeert de NAV telers zo ver te krijgen vrijwillig hun areaal te beperken. Productiebeperking kan een hogere prijs opleveren. Het initiatief is gestart in de winter van 2007/2008 met het voorrekenen aan geïnteresseerde telers wat de gemiddelde kostprijs is van de geteelde aardappels. Daarna werd de aardappelmarkt geanalyseerd. Uit de analyse blijkt dat een aanbod van 21 miljoen ton aardappelen in Noordwest-Europa voldoende is om aan de vraag te voldoen. Maar het aanbod ligt vaak op 22 tot 24 miljoen ton en dan zie je dat de gemiddelde aardappelprijs voor de telers onder de 10 cent per kilo komt. Dat is onvoldoende om de kostprijs te dekken, aldus NAV-bestuurder Keimpe van der Heide. In april 2009 hadden zich al zo'n 130 tot 140 akkerbouwers aangesloten. In de winter van 2009 gaat de NAV verder met de bijeenkomsten en hoopt dat meer telers zich zullen aansluiten. Ook in andere Europese landen zijn er initiatieven gestart voor een vrijwillige areaalbeperking. Een belangrijke hindernis voor de krachtenbundeling is de kartelwetgeving die verbiedt dat aanbieders afspraken maken als ze ruim 5 procent marktaandeel hebben. In april zei Van der Heide te verwachten dat de op stapel staande bagatelregeling (verhoging van max. marktaandeel naar 10%) voldoende ruimte zal bieden. In de Tweede Kamer begint steeds meer steun te komen voor verbetering van de positie van de primaire producenten. Op Europees vlak is er echter nog steeds een grote hindernis: de ruimte die de Health Check (tussentijdse evaluatie en bijstelling van het Gemeenschappelijk Landbouw Beleid) biedt om telersverenigingen op te richten geldt niet voor aardappeltelers. Melkveehouders Al geruime tijd voeren melkveehouders verenigd in de European Milk Board (EMB) (13) in Brussel en in de lidstaten heftige akties en lobbycampagnes voor een ander marktsysteem voor de zuivelsector. De prijzen die zij voor hun melk krijgen, liggen ver beneden de kostprijs en steeds meer boerenbedrijven gaan failliet. Zij zetten zich in voor een 'flexibel marktgericht quoteringssysteem', waarbij de melkprijzen tot stand komen via het afstemmen van aanbod en vraag op elkaar, waarbij de verschillende stakeholders in de sector de ontwikkelingen monitoren. Dit systeem wordt al een aantal jaren toegepast in Canada. De 'eerlijke melk'-campagne van de EMB heeft geleid tot onenigheid tussen Commissie en een meerderheid van lidstaten en tot concessies van de kant van de Commissie. Hoewel de boeren geen subsidies willen maar 'eerlijke' marktafspraken, is er door Europa veel geld beschikbaar gesteld om de dringende nood van de boeren enigszins te lenigen. Ook is er een High Level Experts Group on Milk ingesteld om de werking van de zuivelsector diepgaand te onderzoeken. Toch zijn Commissie en Landbouwministers niet van plan om af te zien van de oorspronkelijk reorganisatieplannen van de zuivelsector: met ingang van dit jaar worden de (toch al te ruime, red.) melkquota jaarlijks verruimd en in 2015 worden ze helemaal afgeschaft. Deze liberaliseringsinzet, die past in de neo-liberale marktvisie van de Europese Unie, zal volgens de EMB uitlopen op een ramp voor kleine en middelgrote melkproducenten en zal alleen maar de zuivelindustrie en inkoopcentrales van de supermarktconcerns in de kaart spelen. Om de druk verder te verhogen en om aan te tonen dat productiebeperking de onderhandelingspositie van boeren kan verbeteren, zijn er dit najaar in Europa melkleverstakingen gehouden. Het resultaat van deze vrijwillige, en in sommige lidstaten massaal gesteunde, vrijwillige productiebeperking was dat de boerderijprijs meteen steeg. Het is niet ondenkbaar dat dit aktiewapen in de naaste toekomst weer wordt ingezet. De Nederlandse Melkveehouders Vakbond (NMV) heeft ondertussen laten onderzoeken wat de wettelijke mogelijkheden zijn om op te roepen tot een algemene vrijwillige productiebeperking in Nederland. De uitkomst was dat de mededingingsregels niet maar het (Europese) Landbouwbeleid wel enige ruimte biedt. Grote politieke druk zal noodzakelijk zijn om dat te gelde te maken. Parlement In de Tweede Kamer zullen - op initiatief van CDA-er Atsma - binnenkort hoorzittingen worden gehouden om meer duidelijkheid te verkrijgen over de prijsvorming in de agf- (aardappelen, groente en fruit), zuivel- en vleessector. Er is brede steun voor dit voorstel en de verwachting is dat het in november zal beginnen. Aanleiding is een serie klachten van boeren en tuinders over veel te lage prijzen die supermarkten voor hun producten betalen. Atsma: "Van de supermarkten begrijp ik dat ook zij sommige producten onder de kostprijs verkopen. Dan zit er iets fout in het systeem." Als dit onderzoek niet genoeg duidelijkheid brengt, wil hij een parlementaire enquête beginnen. In dit verband is het belangrijk dat de melkveehouders hebben aangekondigd door te gaan met hun strijd, maar ook dat hun akties tot beroering hebben geleid in andere agrarische sectoren. En dat is nodig om de politici bij de les te houden.... Noten: (1) In de voedselketen is sprake van uiteenlopende en conflicterende belangen door de grote varieteit en bedrijfsgrootte van de economische 'actors': van van onafhankelijke boeren tot aan coöperatieven, van het midden- en kleinbedrijf tot aan de grote internationale organisaties en van de kleine franchise-supermarkt 'op de hoek' tot aan de supermarktketens. (2) De voedselprijzen die in 2007 stegen door de toenemende grondstoffenprijzen (vooral door speculatie, red.) bleven tot nu toe hoog ondanks het zakken van de grondstofprijzen. (3) De Commissie: "Er is vaak sprake van een assymetrie in onderhandelingsmacht bij het tekenen van zakelijke contracten. De machtigste actor zal betere prijzen en voorwaarden kunnen bedingen. Deze "business-as-usual" kan in voorkomende gevallen leiden tot oneerlijke praktijken, zoals te late betalingen en eenzijdig opgelegde veranderingen van leverdata, kwaliteit of prijzen. Als dit soort gevallen te vaak voorkomen, kan het negatief uitwerken op de prestaties van alle actors in de keten. Contractvrijheid blijft een erg belangrijk principe van de Europese interne markt en de Commissie wil niet op direkte wijze tussenbeide komen." Maar haar inzet is om het probleem inzichtelijk te maken, om bewustwordingscampagnes te lanceren ("Vaak kennen de kleinste actors hun rechten niet."), om misbruik te helpen rapporteren ("Een actor met weinig onderhandelingsmacht zal vrezen zijn contract te verliezen zodra hij of zij klaagt") en om modelcontracten op te stellen die op vrijwillige basis kunnen worden overgenomen. (4) Hiermee kan de consument beter bepalen welke supermarktwinkels goedkoper zijn. (5) Dit moet leiden tot betere prijzen van levensmiddelen en een breder aanbod in alle lidstaten van de Unie. (6) Eurocommerce is een federatie van supermarktketens, groothandels en internationale handelsorganisaties: (7) Waarschijnlijk wijken de antwoorden van Eurocommerce sterk af van antwoorden die volgen uit de analyses van het Landbouw Economisch Instituut Wageningen (LEI, zie noot 11) en St. Onderzoek Multinationale Ondernemingen (SOMO). Het SOMO-rapport "Who reaps the fruit?" van J. Oldenziel, M. Vander Stichele en S. van der Wal (juni 2006) omvat onderzoek naar de enorme invloed van groothandels- en supermartktketens op productie en productievoorwaarden in de Vers Fruit en Groente-sector. (8) De ERRT zegt te zijn opgericht om de meningen van de grote supermarktketens weer te geven over een breed scala van onderwerpen met betrekking tot de Europese politiek. (9) De Land- en Tuinbouw Organisatie Nederland (LTO Nederland) is lid van de COPA (Committee of Professional Agricultural Organisations), en de Nationale Coöperatieve Raad voor Land- en Tuinbouw (NCR) is lid van de COGECA (General Committee for Agricultural Cooperation in the European Union). Beide committees gingen in 1962 samen. (10) Volgens Kroes is dit een taak voor nationale mededingingsautoriteiten, omdat supermarktketens op regionale en nationale schaal zouden opereren. Terwijl ze beweerde dat er tot nu toe geen klachten over supermarkten binnenkwamen bij de Commissie, is de noodzaak van Europees onderzoek naar misbruik van de inkoopmacht door deze bedrijven meermaals aangekaart door parlementariërs. Daaronder zijn de CDA-er Jan Mastwijk (Tweede Kamerlid) en zijn partijgenoot in het Europese Parlement, Esther de Lange,. Hun collega, VVD-europarlementariër Jan Mulder leek meer de kant van Kroes te kiezen toen hij in maart dit jaar voorstelde om de concurrentiepositie van de supermarkten per lidstaat te onderzoeken omdat "de verhouding tussen de prijs die de boer ontvangt en de prijs in de supermarkt niet in alle lidstaten hetzelfde is." (11) Zie bijvoorbeeld de rapporten "Concentratie en prijsvorming in de glasgroentesector" van Frank Bunte cs. (januari 2009) en "Macht en prijsvorming in agrofoodketens" van Frank Bunte cs. (februari 2003) (12) LTO staat voor Land- en Tuinbouw Organisatie Nederland, VTA voor Verenigde Telers Akkerbouw en NAV voor Nederlandse Akkerbouw Vereniging. (13) De Nederlandse Melkveehouders Vakbond NMV en de Dutch Dairymen Board DDB zijn lid van de EMB. |